Читать книгу Transformatie - Dana Lyons - Страница 5

1

Оглавление

Washington, DC


De laatste dag van haar leven was de jonge Libby Stanton een vrouw met een missie. Ze draaide rond voor de spiegel in haar appartement in Georgetown terwijl ze haar spiegelbeeld bewonderde en haar jurk glad streek over haar heupen. Er glinsterde een diamant aan haar halsketting en ze droeg bijpassende oorbellen. Haar handtas, schoenen en jurk beoogden een maximum aan effect – opvallen en de aandacht houden.

"Zo zal ik beslist een hevige reactie krijgen." voorspelde ze. Ze tuitte haar lippen en borstelde haar haren en dacht terug aan wat ze de vorige avond gehoord had in de toiletten van Smith Point.

"Hij komt terug op de markt." had een jonge, vrouwelijke stem gezegd.

"Ja, ik hoorde dat hij Libby en haar grillen beu was."

Giechel, giechel, grinnik, grinnik.

Libby's getuite lippen trilden even. Ze rilde alsof ze de kilte van de afwijzing over haar schouders voelde glijden. Haar lief had zich de laatste tijd moeilijk gedragen.

"Maar," herpakte ze zich en ze verklaarde aan haar spiegelbeeld: "Ik kan het niet laten gebeuren dat hij het uitmaakt met mij."

Ze toetste zijn nummer in en tikte van nervositeit met haar voet tot hij antwoordde. "Oh, dag schat. Ik ben klaar. Ja, in de George vanavond. Het zal er vol zitten normaal gezien. Oké. Tot later."

Ze checkte haar spiegelbeeld nog een laatste keer en was tevreden.

Niemand maakt het uit met de dochter van de senator.

Hij kwam haar afhalen, de perfecte gentleman… met een geheim achter zijn bruine ogen. Toch glimlachte ze en groette hem hartelijk; dit moest helemaal volgens plan verlopen. "Hè schat, je ziet er goed uit vanavond."

"Jij ook." antwoordde hij.

Hij monsterde haar van kop tot teen, misschien beklaagde hij zich dat hij besloten had het uit te maken met haar, dacht ze. Brute pech! Zodra een nieuwtje het roddelcircuit bereikt, is er geen weg meer terug.

Tijdens de korte rit naar de club hingen onuitgesproken woorden in de lucht, verleden, heden en toekomst. Libby bekeek hem vluchtig en speculeerde wie hij zou ontmoeten nadat hij het had uitgemaakt met haar. Wel, dacht ze, hij zal de kans niet krijgen. Zoals ze zich had voorgenomen, hield ze de lippen stijf op elkaar.

Ze was een bekend gezicht in de club, dus hoefde ze haar lidkaart niet eens te laten zien. Ze staken de lange wachtrij voorbij en ze knikte naar de buitenwipper; hij opende het fluwelen koord.

Ze liep voorop, speurde de mensenmassa af op zoek naar iemand die ze kende en die zijn gsm in de aanslag hield om een foto of video te maken. In de hoek was een tafeltje met fotomodellen; ze zwaaide ook al haatte ze hen. Maar ze wist dat de kleine brunette met de lange benen jaloers was op haar status en beslist snel zou filmen mocht er iets gebeuren. Libby zag de krantenkop morgen in de Daily Gossip al voor zich: Libby Stanton gooit drankje in gezicht geliefde en stormt naar buiten.

"Perrier, zonder citroen." bestelde ze.

Haar drankje arriveerde net toen de muziek even stilviel omdat de dj een nieuwe set klaarzette. Het was het perfecte moment. Ze ging staan en nam haar drankje beet.

Hij heeft geluk dat ik geen Singapore Sling besteld heb.

Ze gooide het glas ijskoude Perrier in zijn gezicht, nam ruim de tijd om te genieten van zijn verraste uitdrukking… en om de flashes te zien die aankondigden dat het voorval zeker vastgelegd was. "Niemand maakt het uit met de dochter van de senator." verklaarde ze luid genoeg zodat iedereen het hoorde. Ze nam haar tas en wandelde traag naar buiten zodat hij nog de tijd had om te zien wat hij nooit meer zou hebben.

Hem laten zitten met opgeheven hoofd en een glimlach om haar lippen was geweldig. Zo'n publieke vertoning deed haar hart bonzen van opwinding; ze wist dat het voorval morgen het nieuws zou halen.

Buiten de club haalde ze diep adem en waaierde dan in haar gezicht tot ze gekalmeerd was. Uiteindelijk vertraagde haar hartslag en de adrenaline ebde weg. Met een blik op haar horloge zag ze dat het even over middernacht was. "Hm, waar zou ik heen gaan?" Ze haalde haar gsm boven toen een mannenstem vroeg: "Heb je een lift nodig?"

Ze keek op. Een blinkend nieuwe wagen aan de stoeprand; passagiersraampje naar beneden; chauffeur van rond de dertig, goed gekleed, knap en met ogen om in te verdrinken. "Oh? En wie ben jij?" Ze bleef hem met een oog aankijken terwijl ze met het andere oog door haar contacten ging.

Hij glimlachte; er verscheen een charmant kuiltje. "Ik ben een man die een mooie vrouw ziet die opgemaakt is voor een feestje. Heb je gezelschap nodig? Ik wilde net binnengaan."

Opnieuw binnengaan was het laatste wat ze wilde doen. Maar zijn stem was aangenaam en zijn toon ontwapenend. Ze liet haar telefoon weer in haar tasje glijden. "Er is een vreselijke menigte vanavond. Daarom ben ik weggegaan."

Hij opende het slot van de deur. "Dan gaan we gewoon ergens anders heen."

Ze inspecteerde hem nog eens grondig; hij was echt knap. "Vertel eens, knapperd, wat doe jij?"

"Ik ben wetenschapper. Kom je iets met me drinken, juffrouw…?"

Een rilling van genoegen liep over haar rug en ze glimlachte breed. Toen ze nog klein was, luisterde ze altijd graag naar de wetenschappers die met haar vader kwamen praten. Mannen die grote woorden gebruikten, gaven haar een veilig en beschermd gevoel. "Ik ben Libby." Ze stak haar hand uit naar de deur.

"Welkom, Libby. Ik ben Gideon. Gideon Smith"


Libby wandelde Gideons moderne woning binnen. Deze onverwachte wending beviel haar wel. De nacht maakte van haar de overwinnaar. Hij was knap, hoogopgeleid, goedgemanierd en had schijnbaar financiële zekerheid. Oorspronkelijk was ze van plan geweest iets te drinken met hem en dan een taxi te bellen, maar ze begon de voordelen te zien van wat langer blijven.

Hij bleef staan bij een bar in de hoek van de keuken. "Wat wil je drinken?"

"Kan je een margarita maken? Met ijs en zout? En ik zou graag even naar het toilet gaan."

"Tuurlijk kan ik een margarita maken." zei hij enthousiast. "Dat is mijn favoriete drankje. Je vindt het toilet," zei hij wijzend," verderop in de gang links."

Ze liep geïntrigeerd door zijn woning terwijl ze zijn smaakvol ingerichte woonkamer vol meubels en respectabele kunstwerken bewonderde. Ze liep de gang door voorbij het toilet en ging de slaapkamer binnen. "Hm, misschien blijf ik wel." mompelde ze als ze het knusse, grote bed zag. Ze stapte de badkamer binnen. Een mooie jacuzzi. "Misschien, na een paar margarita's."

Ze zette haar tasje op een lavabo en nam een stap achteruit om een selfie te nemen in de spiegel. "Zo." bevestigde ze. Ze vond de foto geslaagd, dus bewaarde ze hem. Op de achtergrond in de foto zag ze iets eigenaardigs.

"Wat is dat?" Op een rek achter haar stond iets dat haar aandacht trok; het leek op een sneeuwbol, maar was rood in plaats van wit. Ze nam hem beet, schudde ermee en keek toe hoe de rode vlokjes rond een vulkaan dansten. "Wat bizar." Ze zette de bol terug op het rek.

Ze ging terug naar de spiegel, maakte haar ooghoeken schoon en onderzocht haar gezicht opnieuw. Een klein beetje lippenstift, een vleugje gezichtspoeder en even met haar vingers door haar haren en ze straalde tevreden. "Ik ben klaar voor een margarita."

Ze wilde haar gsm nemen, maar haar hand begon te trillen. Het trillen breidde zich zichtbaar uit naar haar arm en verspreidde zich dan over haar hele lichaam. "Wat?" mompelde ze terwijl ze de boord van de lavabo probeerde vast te grijpen en zo haar gsm een duw gaf, waardoor hij over het harde oppervlak gleed en op de grond viel. Het trillen werd snel erger. Ze wilde gillen, maar haar keel was toegesnoerd.

Krijg geen adem!

Ze gleed naar beneden op de betegelde vloer en probeerde naar haar keel te grijpen, maar door stuiptrekkingen over haar hele lichaam verstijfden haar spieren. "Groak." kermde ze. Het fonkelde voor haar ogen. Ze wilde niets liever dan rechtstaan en wegrennen, naar huis gaan en haar kamerjas aantrekken. Maar de enige klank die ze voort kon brengen, was: "Groak."

Hitte jaagde door haar lichaam. Ze stond in brand vanbinnen. Haar bloed borrelde razend heet als gesmolten metaal waardoor ze wilde gillen. Een helse pijn maakte zich meester van haar lichaam. Haar huid was een verzengend perk stekelige cactussen. De fonkeling in haar ogen benam haar het zicht en werd een groot wit vlak. Ze stuiptrekte verschillende keren. Haar ogen rolden weg. Ze verloor de controle over haar blaas.

Ondertussen mixte Gideon vrolijk de margarita's in de keuken. Hij neuriede terwijl hij de margarita's naar het lekker ding, "Libby", bracht. Hij kon zijn geluk niet op; de kans op seks leek veelbelovend.

De woonkamer was leeg, dus liep hij door de gang richting het toilet. Ook leeg. "Hm, zou ze…?" Hij liep verder naar zijn slaapkamer. Bij de deur riep hij: "Libby?"

Niemand lag in bed. "Misschien zit ze al in de jacuzzi." Hij ging richting badkamer.

Hij gilde toen hij haar op de grond zag liggen. Ze was duidelijk dood, haar ogen waren wit, haar lichaam verkrampt. "Wat is dit verdomme?" Hij zette de drankjes neer en deed een stap terug terwijl hij naar haar staarde. "Wat? Had ze drugs genomen voor we hierheen kwamen?"

Hij stapte behoedzaam over haar lichaam, probeerde niet te kijken naar het schuim op haar rode lippen, het bloed aan haar neus of het plasje dat vanonder haar jurk naar buiten lekte. Uit een van de lades nam hij een lang wattenstaafje en woelde ermee door haar handtas. Geen drugs.

"Wat, wat, wat moet ik doen?" kreunde hij.

Libby's dode lichaam riep herinneringen op aan zijn laatste avond in het Dracostation. Alleen was het dode lichaam toen van Annie Cooper geweest. "Ze betrapte me op stelen. Ik kon niet anders dan haar doden." ontglipte het hem in de hoop op verlossing. Wroeging over het verleden en angst voor de toekomst verscheurden hem plots. "Annie, ik ben weggekomen met jouw moord – maar dit…"

Hij boog prompt voorover; zijn maag dreigde zich te legen. Tranen striemden uit zijn ogen en hij moest wat gal weer inslikken. De ellendige ironie van de situatie ontsnapte hem niet.

Het overlijden door ongeval leidt rechtstreeks tot de moord.

"Ik mag niet betrokken worden bij een onderzoek." Terwijl hij nadacht over het probleem, ijsbeerde hij. "Wat was verdomme de oorzaak van jouw dood, Libby? Wat deed je eigenlijk in de badkamer?" Hij keek om zich heen; de sneeuwbol van het Dracostation viel hem in het oog. "Oh, nee, heeft ze dit aangeraakt?"

Hij sloeg zich verschillende keren voor het hoofd. "Denk na. Heb ik de overdracht verknoeid toen ik de drug uit de bol verwijderde?" Hij herinnerde zich de dag waarop hij het klein beetje Nobility van Lazar gestolen had. Het zakje leek intact, maar misschien had er een heel klein gaatje in gezeten en waren zijn handschoenen gecontamineerd geraakt…

"Verdomme, verdomme, verdomme." vloekte hij met gespannen lippen. Hij liep naar de slaapkamer en staarde naar haar lichaam met zijn hand tegen zijn voorhoofd gedrukt. "Hier ligt een lijk." Hij kreunde: "Dit is mijn schuld niet." en ijsbeerde opnieuw. Hij zag zijn leven als mooie jongen in de gevangenis voor zijn ogen passeren en voegde eraan toe: "Ik zit zo diep in de problemen hierdoor." Hij wreef over zijn gezicht terwijl hij nadacht over een oplossing. "Oké, ze ligt op een tegelvloer en er is niet te veel bloed. We hebben zelfs niet gekust, dus kan er niet veel DNA overgedragen zijn."

Hij begon weer te ijsberen. Geleidelijk vormde zich een plan. Hij stopte en voelde aan zijn zakken naar sleutels. "Blijf hier, Libby. Ik ben onmiddellijk terug."

Twee uur later keerde hij terug. Hij opende de garagepoort met de afstandsbediening en reed binnen. "Wow." hij hapte naar adem. Hij liet zijn hoofd achterovervallen tegen de hoofdsteun en ademde alsof hij terwijl hij weg was zijn adem de hele tijd had ingehouden. In gedachten zei hij wat moest doorgaan voor een schietgebedje, wetende dat hij niet echt in een positie was om hemelse hulp te vragen.

En toch. Iedereen heeft wel eens hulp nodig.

Hij bracht zijn aankopen naar binnen. Hij deed handschoenen aan, haalde een zeil uit de verpakking en rolde het uit naast het lichaam van Libby. Hij plaatste een nieuw gekocht vloerkleed op het zeil.

"Ziezo." Hij sleurde haar lichaam op het vloerkleed en rolde haar erin. Hij gebruikte het zeil als een soort slee om het vloerkleed door de gang, door de keuken en door de garage te slepen. Hij propte het geheel in de koffer van zijn auto, gooide het deksel dicht en ging er hijgend van de inspanning op zitten. Toen hij weer op adem was, klaagde hij kwaad: "Shit – geen seks vanavond. En nu?"

Terwijl hij ongerust met zijn vingers op de koffer trommelde, herinnerde hij zich een donkere plek langs de rivier in het Anacostiapark. "Ja. Da's een goede plaats om haar te dumpen."

Transformatie

Подняться наверх